Hier vind je een overzicht van alle lessen die in Lexogoth beschikbaar zijn als PDF’s. Deze reeks bestrijkt voornamelijk het A‑niveau van het ERK, met enkele uitbreidingen naar B‑niveau.
Let op: deze PDF‑lessen vormen niet het kernmateriaal van Lexogoth. Het eigenlijke Lexogoth‑project bestaat uit een uitgebreid tekstcorpus (ongeveer 507 000 Franse tokens en 390 000 tokens Nederlandstalige uitleg over gebruik, register, betekenis en syntaxis) dat zich vooral richt op B‑ en C‑niveau. Dat corpus toont woorden en structuren in authentieke context, gebaseerd op echte taaldata. Bekijk hier een voorbeeld van een woordenschatles(reeks) waarin de principes van Lexogoth (Lexical Approach en Data-Driven Learning) concreet zijn toegepast.
De PDF‑lessen zijn dus aanvullende, toegankelijkere materialen voor wie snel inzetbaar klasmateriaal zoekt, terwijl het corpus de diepere, contextuele en usage‑based kern van Lexogoth vormt.
- grammatica
- uitspraakregels
- zelfstandig naamwoord en lidwoord
- bijvoeglijk naamwoord: deel 1
- bijvoeglijk naamwoord: deel 2
- enkele belangrijke onregelmatige werkwoorden in het heden
- werkwoord ‘avoir’ en uitdrukkingen
- werkwoord ‘être’
- werkwoorden eindigend op -ER
- werkwoorden eindigend op -IR, -RE, -OIR
- wederkerige en wederkerende werkwoorden
- beklemtoonde voornaamwoorden
- bevelen geven met de imperatief
- de getallen
- de ontkenning: deel 1
- de tijd en het weer
- de vraagstelling
- bezit uitdrukken
- het verleden: vorming ‘imparfait’
- het verleden: vorming ‘passé composé’
- het verleden: gebruik van ‘passé composé’ en ‘imparfait’
- recent verleden en nabije toekomst
- vorming en gebruik van de ‘futur simple’
- vorming en gebruik van de ‘conditionnel présent’
- vorming van de ‘subjonctif’
- gebruik van de ‘subjonctif’
- betrekkelijke voornaamwoorden
- de vergelijking
- doel, intentie en gevolg
- het bijwoord
- de voorwerpsvoornaamwoorden ‘cod’ en ‘coi’
- verwijzen naar personen en dingen
- het voornaamwoord ‘en’
- het voornaamwoord ‘y’
- een hoeveelheid uitdrukken
- onbepaalde voornaamwoorden en adjectieven
- zich situeren in ruimte
- oorzaak uitdrukken
- voorwaarden uitdrukken
- le gérondif
- U01: expression de l’hypothèse
- U02: temps et modes
- U03: verbes conjugués avec être
- U04: adjectifs cas particuliers
- U05: temps du passé
- U06: abrégé du subjonctif
- U07: expression cause, conséquence, but
- U08: expression de la concession et de l’ opposition
- U09: accord sujet -verbe avec quantité
- U10: la voix passive
- U11: accord du participe passé
- U12: les registres de langue
- woordenschat
- nationaliteiten en landen
- familie
- etappes in het leven
- de beroepen
- praten over school
- vrije tijd, deel 1: loisirs
- vrije tijd, deel 2: culture
- vrije tijd, deel 3: voyager
- transport en verkeer
- zich situeren in de stad, op de weg, algemene diensten
- aankopen,deel 1: winkels
- aankopen, deel 2: geldzaken
- wonen en de delen van het huis
- maaltijden, keuken, restaurant
- voeding en recepten
- karakter, emoties en gevoelens
- beschrijving van het uiterlijk
- gezondheid en lichaam
- handelingen uit het dagelijks leven
- de wereld van de televisie
- internet en nieuwe technologie
- U01: huren, immo, contracten
- U02: rijbewijs, wegcode, verkeer
- U03: hoger onderwijs
- taalhandelingen
- conversatie beginnen en eindigen
- zich voorstellen
- zich informeren over beroepen
- voorkeuren uitdrukken, deel 1: algemeen
- voorkeuren uitdrukken, deel 2: informeren over vrije tijd
- reserveren hotel, plaats, biljet
- uitnodigen; weigeren en aanvaarden, voorstellen
- activiteiten uit het verleden, persoonlijke ervaringen vertellen
- instructies geven, de weg vragen
- informatie geven over hoeveelheden en prijzen
- informatie geven over immo
- bestellen op restaurant en informatie geven
- over gewoonten spreken
- karakter beschrijven en gevoelens uitdrukken
- praten over gezondheid bij de dokter
- hulp, diensten,… aanbieden, aanvaarden of weigeren
- telefoneren
- informele uitnodiging schrijven
- formele documenten en gesprekken
- ideeen, zekerheid, waarschijnlijkheid, akkoord,… uitdrukken
- irritatie, klachten, ongeloof en excuses uitdrukken